Ik heb het echt geprobeerd.
Niet één merk, niet twee, maar jarenlang. Duurder, goedkoper, apotheek, “clean beauty”, dermatologisch aanbevolen. Noem het en ik heb het gesmeerd. En toch voelde het nooit kloppend. Mijn huid was óf te droog, óf onrustig, óf afhankelijk. Soms even “mooi”, maar dat gevoel hield altijd maar kort stand. En ergens diep vanbinnen dacht ik steeds hetzelfde: dit kan toch niet zijn hoe het hoort.

Wat me het meest frustreerde, was dat het altijd leek alsof het aan mij lag. Mijn huid was “lastig”. “Gevoelig”. “Uit balans”. Alsof het normaal was dat je huid zonder producten niet functioneert. Alsof het logisch is dat je elke paar uur opnieuw moet smeren omdat het anders trekkerig aanvoelt. Ik begon te geloven dat huidverzorging nu eenmaal zo werkt. Een eindeloze cyclus van aanbrengen, herstellen, corrigeren en opnieuw kopen.

Maar hoe langer ik ermee bezig was, hoe vreemder het voelde. Mijn huid leek nooit sterker te worden, alleen maar afhankelijker. Als ik een dag oversloeg, werd het meteen duidelijk. Droog, rood, onrustig. Niet omdat mijn huid slecht was, maar omdat ze blijkbaar was verleerd om zelf haar werk te doen. Dat besef kwam niet in één keer. Het kroop langzaam binnen, bij elke nieuwe crème die “dé oplossing” zou zijn en dat uiteindelijk niet was.

Ik begon me af te vragen waarom huidverzorging zo ingewikkeld moest zijn. Waarom ingrediëntenlijsten zo lang waren. Waarom producten zo lekker roken, maar mijn huid daar eigenlijk helemaal niet blij van werd. En vooral waarom iets dat zogenaamd verzorgt, zo vaak voelt alsof het vooral maskeert.

Er was een moment waarop ik dacht: stel dat dit niet normaal is.
Stel dat een gezonde huid niet continu gestimuleerd, gecorrigeerd of aangepakt hoeft te worden. Stel dat huidverzorging niet draait om het forceren van resultaat, maar om samenwerking met je huid. Dat idee liet me niet meer los.

Ik begon anders te kijken. Minder vanuit beloftes, meer vanuit logica. Wat heeft de huid eigenlijk nodig? Wat herkent ze? Waarom zou iets dat zo natuurlijk is als huid, baat hebben bij zoveel synthetische tussenstappen? Het voelde steeds vreemder dat we onze huid, een levend orgaan, behandelen alsof het een probleem is dat opgelost moet worden.

Wat ik me ook realiseerde: veel producten gaven me wel een gevoel van verzorging, maar geen echte voeding. Ze maakten mijn huid zacht, maar niet sterk. Glad, maar niet rustig. Het was alsof ik mijn huid steeds een pleister gaf, terwijl ze eigenlijk vroeg om rust en ondersteuning.

Die gedachte, het moet anders kunnen, werd steeds harder. Niet als rebellie, maar als intuïtie. Alsof mijn lichaam allang wist wat mijn hoofd nog moest inhalen. Ik wilde geen snelle fix meer. Geen geur, geen marketing, geen tijdelijke glow die na een paar uur weer verdwijnt. Ik wilde iets dat mijn huid begrijpt, in plaats van haar te overrulen.

Vanaf daar veranderde alles. Niet in één nacht, niet magisch, maar wel fundamenteel. Minder doen. Minder wisselen. Minder forceren. Meer vertrouwen. Meer voeding. En voor het eerst voelde huidverzorging niet als een gevecht, maar als ondersteuning.

Mijn huid werd rustiger, voorspelbaarder, sterker. Niet perfect, maar echt. En dat was het moment waarop ik wist: mijn ervaring met reguliere huidverzorging was geen uitzondering. Het systeem is simpelweg niet gebouwd op huidgezondheid, maar op herhaling. Op blijven kopen. Op blijven corrigeren wat nooit echt hersteld wordt.

Ik geloof niet dat huidverzorging ingewikkeld hoeft te zijn.
Ik geloof niet dat je huid tegengewerkt moet worden.
En ik geloof al helemaal niet dat het normaal is dat je huid alleen “oké” is zolang je blijft smeren.

Mijn ervaring was nooit goed en juist daarom wist ik: het móét anders kunnen.

En eerlijk?
Dat kan het ook.